HET GEZONDHEIDSCENTRUM 2.0

acupressuur, bach, bloesem, remedie, bicom, bioresonantie, resonantie, cosmic, flower, energies, eft, essential, coaching, healing, arts, reiki, schussler, celzouten, emotioneel, evenwicht, therapie, behandeling, diagnose, advies,check-up, coach, coaching, consult, natuurgeneeskundig, natuurlijk, Peter, Ramselaar, rescue,  remedy, Susanne, therapeut


Copyright: Susanne Ramselaar 2014

Het verhaal van:


Dr. med. Wilhelm Schüßler (Bad Zwischenahn 1821 – 1898)


Wilhelm Schüßler werd onder een niet al te goed gesternte geboren, zijn ouders hadden het niet breed en hij moest al snel zijn eigen boontjes doppen. Hij verdiepte zich in buitenlandse talen (Latijns, Grieks, Engels, Italiaans en later ook nog Sanskriet) en werd taaldocent. Toch lag zijn passie ergens anders en tegen de tijd dat hij 30 was startte hij pas met zijn studie geneeskunde. Hij begon aan de universiteit van Parijs om vervolgens via Berlijn in Gießen zijn doctorsgraad te halen. Daarna volgens naar Praag welke een bijzonder goede reputatie op het gebied van homeopathie genoot. Echter pas toen hij in 1857 zijn staatsexamen afgelegde (vergelijkbaar met ons hedendaagse VWO), kon hij zich als praktiserend arts in Oldenburg vestigen.

In de tijd dat hij als homeopathisch arts werkte schreef hij vele publicaties en werkte hij zeker mee aan de verspreiding van de homeopathie in Duitsland. De “onderzoeker” in Schüßler ging al snel op zoek naar een methode, die gemakkelijker te leren, begrijpen, volgen en toe te passen was dan de homeopathie.


Het was in de 19de eeuw dat de techniek langzaam in de wereld van de geneeskunst zijn gezicht liet zien. Zo werd er gewerkt met de microscoop en een nieuwe wereld ging voor de onderzoekers open, een wereld van bacteriën, virussen en de verschillende lichaamscellen.

De cel, maar ook de minerale stofwisseling, werd een hot topic.  


Iemand die veel onderzoek verrichte was de Berlijnse arts en wetenschapper Prof. Dr. Rudolf Virchow (1821-1902). Hij deed voor die tijd een baanbrekende ontdekking: hij ontdekte namelijk dat ons lichaam uit een veelvoud van kleine bouwstenen, lichaamscellen, bestaat.

In deze cellen vinden allerlei belangrijke processen plaats en Virchow ontdekte dat een correct functioneren van deze kleine bouwstenen van het lichaam dé voorwaarde is voor een goede gezondheid. Tevens als de cellen niet meer goed functioneren, dan leidt dit tot ziekte. Uit deze revolutionaire ontdekking herleidde hij dan ook de volgende stelling: “De kern van de ziekte is de ziekelijke verandering van de cellen”.

  

De tweede helper voor Schüßler was de Nederlandse fysioloog en hoogleraar Jacob Moleschott (1822-1893). Moleschott onderzocht de functie van anorganische minerale zouten voor het organisme. In 1852 publiceert hij zijn werk ‘Kringloop des levens’ waarin hij ondermeer schrijft: ‘De bouw en de levensvatbaarheid van de organen worden bepaald door de noodzakelijke hoeveelheden anorganische bestanddelen’. Aan Moleschott hebben we de uitdrukking: ‘Zonder fosfor geen gedachte’ te danken.


Gestimuleerd door de onderzoeken van zowel Moleschott en Virchow, ging Schüßler op onderzoek naar een sterke vereenvoudiging van de homeopathie waar hij zich de eerste 14 jaar van zijn praktijkvoering mee bezig hield. Tenslotte zijn er vele honderden zo niet duizenden homeopathische preparaten en het is een zeer complexe en veeleisende methode aldus Schüßler.


De twaalf


Schüßler maakte gebruik van die nieuwe wetenschappelijke kennis voor die tijd, dat de stoffen in het menselijk lichaam in twee kampen te verdelen is. Namelijk het organische kamp en het anorganische kamp. In het organische kamp vinden we bijvoorbeeld koolhydraten, vitaminen, eiwitten en vetten. Dat organische stoffen kunnen branden hoeven we tegenwoordig maar aan een topsporter te vragen, die weet daar alles van zodat het lichaam krachtig kan presteren.

Het tweede kamp, de anorganische, is precies het tegenovergestelde. Deze verbranden niet en zijn dus in de as van verbrande organismen terug te vinden.

Gesterkt door deze aanvulling ging Schüssler verder met zijn onderzoekswerk naar zijn vereenvoudigde methode in zowel theorie als praktijk.


Uiteindelijk ontdekte hij tijdens zijn leven twaalf verbindingen van zouten die de naam Schüßler zouten kregen. Tevens ontdekte hij hoe de mineralen te vervaardigen, het fundamentele verschil tussen zijn methode en de klassieke Homeopathie,  maar vooral hoe ze ingezet diende te worden.   


1874


In 1874 publiceerde Schüßler zijn basiswerk, Eine abgekürzte Therapie, gegründet auf Histologie und Cellular-Pathologie. Hierin legde hij zijn inzichten vast en beschreef het hoe en wat van de zouten. Direct na het verschijnen van dit boekje ontstond er een heftige discussie tussen Schüßler en de gevestigde homeopathische wereld die eigenlijk heden ten dagen nog steeds voortduurt. De aanhangers van de methode van Schüßler, met name in en rond Oldenburg,  richtte in 1885 de eerste “biochemische vereniging” op. Vele verenigingen in het land volgden wat uiteindelijk leidde tot de oprichting van de overkoepelende organisatie “Biochemische Bond van Duitsland”.


Overigens bemoeide Schüßler zich niet met deze verenigingen, hij ging vastberaden door met zijn werk als arts tot kort voor zijn overlijden op 30 maart 1898.


De methode die hij ontwikkeld had, noemde hij ‘biochemie’. Hij was de eerste die deze term gebruikte, later zou het woord ‘biochemie’ een ander betekenis krijgen binnen de universitaire wereld en mogen de Schüßler zouten geen biochemie meer genoemd worden.


Overigens maakte Schüßler de zouten niet zelf, zijn cliënten kregen een recept en hiermee ging men naar de apotheker. Toen der tijd waren dat nog echte pillendraaiers, het is daarom dat er geen originele Schüßler zouten bestaan hooguit volgens origineel recept.


In de meer dan 140 jaar na het verschijnen van zijn boek (het was maar 16 pagina’s) is men, in het gedachtegoed van Schüßler, doorgegaan met zoeken en zijn meerdere zouten naar boven gekomen.

We spreken hierbij over de aanvullende of toegevoegde zouten (dit in tegenstelling tot wat in de volksmond wel de hogere zouten wordt genoemd), met daarbij de aantekening dat het onderzoek nog steeds voortgang heeft vooral bij onze oosterburen. Echter de consensus is dat er ten tijden van dit schrijven (2015), er 15 aanvullende zouten zijn. Maar wie weet, hoeveel het er volgend jaar zijn.


We zien dan ook dat ondanks het overlijden van Dr. med. Wilhelm Schüßler al die jaren geleden, zijn erfenis nog altijd een zeer levendig en actief onderwerp is.



In Nederland vallen alle Schüßler zouten onder een regeling waardoor er sinds december 2012 over de toepassing en werking geen publiek toegankelijke informatie verstrekt mag worden.

Het is mede daarom dat de 3 opleidingen over de Schüßler zouten die men kan volgen bij www.hetgezondheidscentrum.nl alleen toegankelijk zijn voor degene die in het bezit zijn van een AGB dan wel BIG code.